Nieuws

Evocatie 150 jaar Stijn Streuvels

Bibliografie van Stijn Streuvels door Paul Thiers (tweede bijgewerkte en uitgebreide editie)

Stijn Vanclooster, Jan Moulaert en Erwin Joos, De Kapel, tussen droom en daad, een monografie over de Antwerpse literair-anarchistische vereniging De Kapel (1900-1904). Stijn Streuvels hield er op 23 juni 1900 zijn allereerste lezing (zie hoofdstuk 6. Stijn Streuvels in der kapel, p. 106-121).
Het boek kan afgehaald worden in het Eugeen Van Mieghem-museum, Ernest Van Dijckkaai 9, 2000 Antwerpen. Prijs: € 25. Bij aankoop van het boek kan het museum gratis worden bezocht. Openingsuren museum: zondag en maandag, 14u-17u. Het boek kan ook besteld worden (25,00 euro inclusief verzendingskosten) bij
stijnvanclooster@gmail.com.

Stijn Streuvels op YouTube.

Stijn Streuvels op radio Klara

Een uniek boek over Streuvels’ streekdialect: Een dialect op de grens van Oost- en West-Vlaanderen: ’t Anzegêms’ door Erik De Praetere, Jo Devos e.a.
Meer informatie.

Via de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (DBNL) krijgt u toegang tot de volledige teksten van :
 
Hubert Lemeire: De doctoraalscriptie De taal van Stijn Streuvels 

De taal van Stijn Streuvels. Deel 1. Het woord bij Streuvels. 

De taal van Stijn Streuvels. Deel 2. Verklarend woordenboek op de taal van Stijn Streuvels. 

Tom Sintobin: De doctoraalscriptie Wie schaft er op de woorden? Over de beschrijving en het beschrijvende bij Stijn Streuvels. 

Uit: Ontmoeten: tijdschrift van de Koninklijke vereniging van oud-leerlingen van de Sint-Amandsscholen, 56e jg. nr. 4, 2008.

Van Achiel tot Zwarte Seis

Het werk van Streuvels blijft Omer Vandeputte (oud-leerling, -leraar en -directeur van het Sint-Amandscollege) fascineren. Als lid van het Stijn Streuvelsgenootschap heeft hij een register opgesteld van de fictionele personages in Streuvels’ oeuvre. 
Nomen est omen, jawel, maar uit de studie blijkt dat namen ook een sociaal, volkskundig en gevoelsmatig verhaal vertellen. Bijv.: in het oeuvre treden meer dan elfhonderd naamdragende personages op. Daarnaast nog een leger naamlozen, meestal in een figurantenrol, van wie slechts 5 % vrouw is: huismoeder, jong meisje of non; tekenend voor de maatschappij in de tijd van Streuvels.

Streuvels speelt graag met de naam van zijn personages bijv. door verkorting (Arthur wordt Tuur) of verkleining (Fonske, (Ho)rieneke), zoals de volksmens graag doet. Bijnamen zijn schering en inslag: Klette (dwaze vrouw), Sjoerel (schele), Pappot. Uit al die verhaspelingen spreekt een en ander. 
In de studie krijgen we ook vaak een naamsverklaring (antroponymisch of volksetymologisch).

Het register is alfabetisch opgesteld beginnend met

Achiel: zoon van gemeentesecretaris, op wie Marietje Verhamme heimelijk verliefd is, maar die toch met een ander meisje gaat, in Een beroerde maandag (Dorpsgeheimen I, 1904) VW* deel 1: 1378

en eindigend met

Zwarte Seis: dorpsvrouw, kennis van de moeder van Poelde, in Kinderzieltje (Dorpsgeheimen I, 1904) VW deel 1: 1496 (*verwijst naar Volledig Werk; zie verder)

 

Na het register volgt ‘Samenvatting van Stijn Streuvels’ Volledig Werk. Desclée De Brouwer Brugge, 1971-1973, vier delen’. 
Een inhoudelijke samenvatting over 30 bladzijden, van het oeuvre van Streuvels. 

__________________
 

Omer Vandeputte, Van Achiel tot Zwarte Seis, Register van fictionele personages bij Stijn Streuvels. Verschenen in voordruk. Wie belangstelling heeft voor het werk kan contact opnemen met de auteur: vlonder.ovdp@gmail.com.

Chris Vercruysse